In Europa is er momenteel slechts één land, waar de osteopathische geneeskunde volledig erkend en juridisch geregeld is: Groot-Brittannië. Een osteopathiestudie bestaat er uit een vier- of vijfjarige voltijdse opleiding. Deze opleiding kan men aan één van de vijf Britse scholen volgen, die elk met een universiteit samenwerken. Deze universiteiten reiken dan ook het diploma uit.
Tot deze scholen behoort o.a. het gerenommeerde British College of Osteopathic Medicine (BCOM) waarmee de IAO nauw samenwerkt. Afgestudeerden in Groot-Brittannië behalen een Bachelordiploma in Osteopathie resp. in osteopathische geneeskunde. Om als osteopaat te werken, moet men lid worden van het General Osteopathic Council, een overheidsinstantie. In Groot-Brittannië is osteopathie een zelfstandige medische discipline en geen specialisatie binnen een andere opleiding. Osteopaten diagnosticeren en behandelen zelfstandig, zonder toezicht of doorverwijzing van een arts.
Het tweede Europese land dat een wet m.b.t. Osteopathie heeft, is België. In 1999 werd een kaderwet aangenomen, maar de invulling van dit wettelijk kader werd voorlopig nog niet uitgevoerd. Commissies van osteopaten, artsen, pedagogen en juristen buigen zich al jaren over de invulling van de details. Deze procedure zal echter nog enige tijd in beslag nemen. Ter vergelijking: in Groot-Brittannië heeft het ongeveer 10 jaar geduurd voordat alle aspecten van de osteopathie geregeld waren.
Als derde en voorlopig ook laatste Europees land heeft Frankrijk in 2001 een wet over de erkenning van osteopathie gestemd. Precies zoals toen in Groot-Brittannië en nu in België gaat het over een kaderwet, waarbij nog veel werk in de details zal kruipen. Maar na deze eerste belangrijke stap is er echter geen weg terug.
Hoe staat het met de erkenning van osteopathie in de rest van Europa? En welke invloed heeft de Europese vereniging op de erkenning van osteopathie in Duitsland en andere lidstaten van de EU? Het antwoord is paradoxaal: op het vlak van opleiding van osteopaten kan de EU één en ander teweegbrengen, maar op het vlak van het uitoefenen van osteopathie in haar lidstaten heeft de EU geen invloed. De medische beroepen zijn namelijk de enige uitzondering op het principe van vrij verkeer van personen binnen de EU. Wetten en bepalingen voor medische beroepen zullen dan ook in de toekomst onder de soevereiniteit van het land blijven.
Wat echter wel mogelijk is, is door harmonisering van de opleiding voor gelijkende beroepsstandaarden binnen Europa te zorgen. Dit kan uiteindelijk tot vrijheid van beroepsuitoefening over de grenzen van de lidstaten heen leiden. Deze weg is echter lang en moeilijk.
Aan het begin hiervan stond de Bolognaverklaring in 1999, die studies in de verschillende lidstaten zou moeten harmoniseren. De verklaring rust op twee essentiële pijlers, de Bachelor-Master-structuur (BAMA) en het European Credit Transfer System (ECTS). De eerste pijler brengt uniformiteit in de einddiploma’s die tot heden van land tot land verschillen. De tweede legt de vereisten voor Bachelor- (180 ECTS) en Masterdiploma’s (120 ECTS) vast. Pas dan kan er gelijkwaardigheid tussen de verschillende einddiploma’s zijn, wat een voorwaarde is voor de erkenning in andere landen. In België en Nederland werken bijna alle universiteiten en hogescholen inmiddels volgens de Bachelor- en Masterstructuur, gebaseerd op het ECTS-systeem (coëfficiënt van contacturen, examens en individuele voorbereiding).
Het is echter onmogelijk om de kwaliteit van een opleiding aan de hand van het aantal lesuren te beoordelen. Te veel vragen blijven onbeantwoord:
- Hoe competent zijn de docenten?
- Wat is de kwaliteit van de cursussen?
- Welke didactische hulpmiddelen worden gebruikt?
- Hoe goed zijn de syllabi?
- Is er een externe kwaliteitscontrole?
- Welke waarde heeft het behaalde diploma?
- Verloopt de opleiding in overeenstemming met de Bolognaverklaring?
- …
En hoe is de situatie in niet-Europese landen?
Zwitserland staat momenteel het dichtst bij de vestiging van osteopathie als zelfstandig beroep. De bevoegde Gesundheitsdirektorenkonferenz heeft in ieder geval vastgelegd, dat enkel osteopaten, die een voltijdse opleiding gevolgd hebben, tot het interkantonale examen worden toegelaten en dus door de staat erkend kunnen worden. Dit betekent een
We gaan ervan uit, dat de bijzondere situatie in Zwitserland zich binnenkort vanzelf opgelost heeft en dat deeltijdse osteopathieopleidingen op academisch niveau zullen doorzetten – zoals in de buurlanden.
De IAO is reeds meer dan tien jaar geleden begonnen met het aanpassen van haar studie naar ECTS, volgens de vereisten van de Bologonaverklaring, en het aanbieden van een Bachelor of Science with Honors in Osteopathy (BSc(hons)Ost). De IAO heeft sinds 1997 een ISO 9001 certificaat en wordt academisch door de University of Wales en BCOM/University of Westminster gecontroleerd. De studenten hebben recht van inspraak en werken mee via de klassenverantwoordelijke en jaarlijkse rondvragen i.v.m. interne kwaliteitscontrole.
Sinds 2009 biedt de IAO, in samenwerking met de University of Applied Sciences Tyrol (fhg), een Master of Science in Osteopathie aan. Studenten van de IAO kunnen reeds vanaf het vierde jaar het tweejarige masterprogramma volgen en dus binnen vijf jaar hun studie aan de IAO met een MSc.Ost. afsluiten. De opleiding aan de IAO wordt door alle Europese beroepsverenigingen erkend en geeft in de Benelux ook het recht om osteopathie uit te oefenen.






